Interview

Hygienic Design Network business manager, Hans van der Steen: “Met een circulair productpaspoort vergroot je je onderscheidend vermogen”

In 2027 wordt de Europese Kaderverordening Ecodesign voor Duurzame Producten (ESPR) van kracht. Daarin staat één onderwerp centraal: circulaire productpaspoorten worden de norm, maar daar is in de markt nog amper op voorgesorteerd. Hans van der Steen, business manager bij het platform Hygienic Design Network (HDN), legt uit wat er op ons af komt en waar ondernemers terecht kunnen voor kennis en advies.

 

“Inzet op circulariteit verhoogt de restwaarde”

 

“Koninklijke Metaalunie en FME hebben gezamenlijk bijgedragen in het tot stand komen van de leidraad voor het Circulair Product Paspoort”, legt Van der Steen om te beginnen uit. “Vanuit de Metaalunie in de vorm van HDN en vanuit FME deed de vereniging Binnenklimaat Nederland mee. Samen vormden we een testmarkt voor de implementatie van het paspoort in de maakindustrie.”

 

Ondernemers zijn nog maar sporadisch bezig met digitale productpaspoorten (DPP) en nu is er sprake van een circulair productpaspoort (CPP). Wat is het verschil precies?  

“Simpel gezegd: de basis voor een CPP is het DPP, aangevuld met de circulaire ambities van het bedrijf. De paspoorten zorgen voor traceerbaarheid van de grondstoffen en geven een beeld van de restwaarde van de machine bij het einde van de levensduur. Inzet op circulariteit verhoogt de restwaarde. Bovendien houden we met een circulaire aanpak grondstoffen in de loop en verkleinen we onze afhankelijkheid van landen buiten Europa.”

 

Is iedere ondernemer in de maakindustrie straks verplicht om circulaire productpaspoorten te hebben voor ieder product?

“Wettelijk wel. En ook de verplichting voor een digitaal productpaspoort bestaat al lang. Maar er bestaat een groot gat tussen de wettelijke verplichting en de dagelijkse praktijk. Er is geen handhaving en ondernemers stellen vaak uit om ermee aan de slag te gaan, doordat men het ingewikkeld vindt.” (Lees verder onder de foto.)

 

Foto: In september 2025 organiseerde Circulaire Maakindustrie samen met Hygienic Design Group en Circonnect de sessie ‘Circulair Product Paspoort Machinebouw Food’. Bekijk hier de terugblik.

 

 

Klopt dat beeld? Is het ingewikkeld?

“Dat valt reuze mee. Maar bij productpaspoorten denken ondernemers vaak als eerste aan een LCA, een Life Cycle Analysis. Het gevoel daarbij is nogal eens dat je een studie aan de TU Delft moet hebben doorlopen om daarmee uit de voeten te kunnen. En het klopt wel dat de theoretici het ons moeilijk hebben gemaakt op dat vlak. Maar een productpaspoort mag, anders dan een LCA, ook opgebouwd worden uit meer generieke data. Nu bestaat nog de mogelijkheid om in je nulmeting aan te geven: ‘ik heb nog geen eigen data’, of ‘ik gebruik secundaire data’.

 

“Ondernemers kunnen concrete stappen gaan zetten in de richting van een circulair productpaspoort.”

 

Wat zijn secundaire data?

“Dat zijn algemene data, zoals ‘de footprint van 1 kilo roestvrij staal’, of ‘de CO2-uitstoot van één uur lassen’. Dergelijke universele data zijn afkomstig van erkende milieudatabases, zoals de Nationale Milieu Database of IDEMAT.”

 

Dus die kun je als ondernemer zo overnemen?

“In die databases zijn nog niet alle circulaire waarden ingevuld. Circulariteit gaat verder dan de milieufootprint. Daarvoor moet je echt in gesprek met je toeleveranciers.

 

Moet iedereen daar zelf mee aan de slag?

“Uiteindelijk wel, maar we gaan de komende periode al wel veel voorwerk doen. Er loopt een onderzoeksaanvraag voor een Europees digitaal format. Voor Nederland trekt TNO daarbij de kar. HDN doet ook mee, net als de vereniging Binnenklimaat Nederland. Hopelijk gaat dit in 2026 van start. Er zijn zeven andere Europese landen betrokken. Ons netwerk, en dat van de vereniging Binnenklimaat Nederland, geldt als testomgeving om het te ontwikkelen format in de praktijk te toetsen. In aanloop naar dit onderzoek hebben we, samen Circulaire Maakindustrie, Circonnect en Partners for Innovation, alvast een leidraad gemaakt voor ondernemers, zodat zij concrete stappen kunnen gaan zetten in de richting van een circulair productpaspoort.”

 

“Wanneer je zelf je data op orde hebt, bespaar je een hoop tijd en dus geld.”

 

Wat kunnen ondernemers nu alvast doen?

“Wij zeggen: begin nou alvast met een nulmeting en zorg dat je diverse waarden kunt registreren en koppelen aan een kilogram gereed product. Wij bieden workshops aan over een ‘instapmodel’ voor een circulair productpaspoort. Daarin leer je als ondernemer wat het is en wat je ervoor nodig hebt, gekoppeld aan een concreet stappenplan. We hebben een workshop ontwikkeld waarin deze kennis in de vorm van een serious game op een toegankelijke en interactieve manier wordt overgedragen. Eind dit jaar komt dat spel beschikbaar; CIRCO Challenge heet het.”

 

Niet langer wachten, is dus jullie advies?

“Zondermeer. We zitten nu nog in de fase dat je als bedrijf kunt kiezen om actief of reactief in te zetten op circulariteit. Ik ben zelf dertig jaar werkzaam geweest bij een toeleverancier van de foodsector en daar heb ik ervaren dat je beter voor een actieve rol kunt kiezen. Als de ene afnemer vraagt: ‘hoeveel hergebruikt materiaal zit er in jouw machine?’ en de volgende vraagt ‘wat is de milieufootprint van jullie productieproces?’, dan moet je steeds opnieuw beginnen. En die vragen gaan steeds vaker gesteld worden. Wanneer je zelf je data op orde hebt, bespaar je een hoop tijd en dus geld. En nogmaals: je kunt als ondernemer beginnen met secundaire data en van daaruit geleidelijk toewerken naar primaire data.”

 

“Als je nu instapt, hou je zelf de regie.”

 

Hebben jullie al een beeld van hoe zo’n circulair productpaspoort eruit komt te zien?

“Uiteindelijk worden er heel veel data gekoppeld aan het serienummer van een machine. Bij verkoop wordt dat nummer aangevuld met bijvoorbeeld een klant identificatie, zodat met dit unieke nummer altijd traceerbaar is waar een machine vandaan komt en wie in welke fase van de productcyclus verantwoordelijk is. Onze ambitie gaat zelfs nog verder dan de circulaire aspecten: we willen een relevant document maken waaraan we bijvoorbeeld ook handleidingen en andere documenten van conformiteit gaan koppelen.”

 

Met welk argument krijg jij ondernemers mee om hiermee aan de slag te gaan? Wat maakt een circulair productpaspoort voor hen de moeite waard?

“Je vergroot je onderscheidend vermogen met een circulair productpaspoort. Je laat zien dat je weet hoe jouw keten functioneert, dat jouw circulaire claim klopt en geen kwestie is van greenwashing. Als je nu instapt, hou je zelf de regie. Ook onze keten is zo sterk als de zwakste schakel: in de huidige claimcultuur is wie niet goed registreert, straks de Sjaak. Met een circulair productpaspoort kun je jezelf daar ook beter voor vrijwaren.”